BelgaPress-score · Neutraal sentiment · Mediawaarde €7.911,36 · Bereik 366,5K · 682 woorden
Groeiende wanhoop tot minuut 85
Wie de wedstrijd tegen Senegal niet rond minuut 84 uitzette, beleefde een knotsgekke achtbaan van emoties. Alles passeerde de revue. Hoe komt het dat we zo intens meeleven met elf mannen op een veld?
Eerst een geruststelling: het valt perfect te verklaren dat je een bitterbal door de living smijt op het moment dat Ismaïla Sarr de Belgische WK-hoop aan flarden lijkt te schieten. Dat je bij de wissels van de bondscoach luidop vloekt. En dat je na de ruzie tussen Youri Tielemans en Leandro Trossard net als commentator Filip Joos zelfs melodramatisch wordt. “Dit is de grafsteen op onze wereldbeker.”
“Het was een uitermate platte vertoning”, deelt neurofysioloog Wim Vanduffel (KU Leuven) zijn analyse. Ook hij heeft de ontreddering gevoeld. “Je investeert emotioneel veel in zo'n wedstrijd. Al voor de eerste baltoets komen adrenaline en het stresshormoon cortisol vrij. Je bloeddruk stijgt en je hartslag volgt. Als de verwachtingen dan niet worden ingelost, kan dat leiden tot frustratie, boosheid en soms woede.”
Het zijn emoties die acteurs ervaren net voor het gordijn opengaat. Alleen: wij staan niet op het veld. “Ons brein ziet een voetbalploeg als onze eigen stam”, zegt gedragsonderzoeker Mathias Celis (UGent). “Evolutionair heeft de mens altijd baat gehad bij het deel uitmaken van een groep. Die bood veiligheid, voedsel en zorg. Dat heeft onze hersenen sterk gevormd.”
Al die emoties hebben ook een functie. Of hadden dat. “Voor je lichaam is zo'n rotwedstrijd hetzelfde als oog in oog staan met een sabeltandtijger”, zegt neuroloog Steven Laureys (ULiège). “Het bereidt zich voor op een confrontatie.”
‘Fight or flight’
Dat heet de fight or flight modus, zegt neuropsycholoog Michaël Portzky. “In rust is het parasympathische zenuwstelsel actief en ondersteunt het herstel, zoals vertering en slaap. Slaat ons brein alarm, dan neemt het sympathische systeem over: niet-essentiële functies worden stilgezet en stresshormonen zoals adrenaline maken het lichaam klaar om te vechten of te vluchten.” Het ingaan van die modus herken je vaak aan het moment waarop je naar het toilet moet om al het “niet-essentiële” te ledigen.
Neuroloog Steven Laureys weet nog waar hij was toen België de USSR klopte in 1986. De comeback tegen Japan beleefde hij in Japan zelf. “Deze wedstrijd kan aan dat rijtje toegevoegd worden”, zegt hij. “Die goals van Tielemans zorgden voor neurochemisch vuurwerk in ons hoofd. Het zijn flashbulb memories die je voor altijd bijblijven.” Het vuurwerk knetterde in het ventraal striatum, oftewel het beloningscircuit diep in onze hersenen. “Dat circuit stond al scherp van de stress. Vannacht voelden wij wat onze voorouders voelden wanneer ze een mammoet hadden geveld.”
Neurochemische cocktail
Welke stofjes maakten ons extatisch? “Het was een cocktail”, zegt neurofysioloog Vanduffel. De ingrediënten? Dopamine, maar ook endorfine, nog een keer adrenaline, en een beetje serotonine. “Het was een sociaal gebeuren. We keken samen op pleinen, in cafés en huiskamers. Voeg gerust de sociale neurotransmitter oxytocine toe.”
Die cocktail, al dan niet versterkt door alcohol, doet ons juichen en op de knieën vallen. Op pleinen werden bekertjes door de lucht gekeild. “Voor buitenstanders oogt dat compleet loco”, zegt gedragswetenschapper Celis. “Maar het is hypersociaal gedrag dat je bijna enkel nog ziet bij sportwedstrijden en concerten. Er zijn nog weinig situaties waar mensen zo'n uitlaatklep krijgen. Als anderen gillen en op de knieën vallen, dan mag jij dat ook.”
Het voelt goed om een winnaar te zijn. Sportpsycholoog Filip Boen (KU Leuven) is op een congres in Straatsburg. Dat “onze stam” gewonnen heeft, deed hem 's ochtends lachend de zaal binnenstappen. “Daar bestaat mooi Amerikaans onderzoek over. Als het universiteitsteam heeft gewonnen, dan zit de aula op maandag vol met sweaters en T-shirts van dat team.” En bij verlies? “Dan is de kledij neutraler.”
Anton Goegebeur