De Tijd · Femke Van Garderen · 2 January 2026
Het kan levens kosten, ernstige schade veroorzaken en is slecht voor dier en natuur. Waarom blijven we desondanks tuk op vuurwerk? ‘Het brengt alles samen waar ons dopaminegevoelige brein van houdt.’
Hoeveel pijlen, sissers en rotjes er afgelopen week in ons land hebben geknald, heeft niemand geteld. Maar dat vuurwerk al lang niet meer synoniem staat voor een louter feestelijke gebeurtenis, kan met zekerheid gezegd worden.
Ook deze jaarwisseling werd duidelijk dat de producten leed veroorzaken. De afgelopen dagen passeerden niet alleen berichten over beschadigde gebouwen en gewonde kinderen en volwassenen, maar bleek ook dat relschoppers vuurwerk als wapen inzetten tegen de politie en de hulpdiensten.
De geschiedenis leert dat het nog erger kan. De ramp in Enschede van ruim een kwarteeuw geleden, waarbij de opslagbunkers van een vuurwerkbedrijf explodeerden en tientallen mensen stierven, is nog niet vergeten. Over de cafébrand in Volendam op oudjaar in 2000, waar decoratie vuur vatte door het gebruik van sterretjes en 14 doden vielen, kan hetzelfde worden gezegd. En uit de eerste onderzoeken blijkt dat vuurwerkfonteinen op champagneflessen mee aan de basis liggen van de brand in de Zwitserse nachtclub Le Constellation. Die zouden te dicht bij het plafond zijn gehesen.
Verbod
Door al die incidenten groeit niet alleen de bezorgdheid, maar klinkt ook de roep om vuurwerk te verbieden almaar vaker. In ons land was het in tal van gemeenten niet toegestaan voor particulieren om zelf te knallen. Al hield lang niet iedereen daar rekening mee. Ook de gespecialiseerde vuurwerkwinkels zagen de vraag niet bepaald dalen.
‘We hebben, net als de voorgaande jaren, duizenden mensen over de vloer gehad’, zegt Lander Desmet van De Vuurwinkel in het West-Vlaamse Marke. Pakketten tussen 50 en 150 euro, met namen als Sahara Storm of Moon Dance, gingen het vlotst over de toonbank. Dat zijn geen aparte pijlen, maar boxen waarin verschillende effecten na elkaar gelanceerd worden, al dan niet met een ‘finale’.
Hoe valt dat te rijmen met de toenemende zorgen over de veiligheid? ‘Het is gewoon zo’n diepgewortelde traditie’, zegt Desmet. ‘Een lont aansteken, achteruit stappen en dan naar al die kleuren in de lucht kijken, heeft iets magisch. Het maakt mensen gewoon blij.’ Een profiel van de vuurwerkliefhebber is er volgens hem niet: zijn cliënteel strekt zich uit van 16- tot 85-jarigen. Vaak zijn het wel mannen. ‘Maar zeker niet altijd.’
'Onschuldig masochisme'
Volgens gedragspsycholoog en econoom Mathias Celis (UGent) is die brede aantrekkingskracht logisch. Vuurwerk zet veel van onze zintuigen op scherp. Het felle geluid, het heldere licht, de geur van buskruit. ‘Het is een sensorische cocktail die we niet vaak meemaken. En die is bovendien aan een leuk, betekenisvol moment gekoppeld dat we samen met anderen beleven. Kortom: het brengt veel van waar ons dopaminegevoelige brein van houdt samen. Het geeft een kick.’
Ook verwijst hij naar ‘onschuldig masochisme’, dat volgens hem ook verklaart waarom sommigen graag in een rollercoaster zitten of naar een horrorfilm kijken. ‘Mensen vinden het leuk om negatieve dingen te ervaren, zolang ze weten dat er in wezen niets ergs met hen gebeurt. De kans op een ongeval met vuurwerk is nog altijd relatief klein. Hoeveel mensen ken je zelf die een oog of hand verloren? Het loopt vaker goed dan mis.’
Cijfers over het aantal incidenten met vuurwerk zijn er niet. We weten niet of het stijgt of afneemt over de jaren. Het idee dat het vuurwerk vandaag explosiever is dan vroeger, spreken ze in De Vuurwinkel wel tegen. ‘Eigenlijk is het omgekeerde waar: terwijl we vroeger bommetjes mochten verkopen met 3 gram kruit, zitten we nu aan maximaal 0,5 gram’, zegt Desmet, die ook benadrukt dat de regels om vuurwerk te verkopen almaar strenger worden. ‘Je mag vuurwerk niet meer aan de kassa leggen, maar moet in speciale bunkers voorzien. Daarom verkopen onder meer supermarkten het niet meer.’
Volgens Desmet, die naar eigen zeggen veel tijd steekt in het adviseren van zijn klanten, is vuurwerk niet gevaarlijk voor wie de instructies nauwkeurig opvolgt en een veilige locatie uitkiest. ‘Als ik iets over incidenten hoor, dan hebben die altijd met illegaal vuurwerk te maken. Dat is veel krachtiger.'
Handgranaat
Dat laatste herkent ook Walter Derieuw, de woordvoerder van de Brusselse brandweer. Hij heeft het over zeer explosieve producten zonder CE-markering, die niet voor particulieren zijn bedoeld en vaak in landen als Polen worden aangekocht. Cobra’s, vuurwerk met de kracht van een handgranaat dat als wapen gebruikt werd tijdens de oudejaarsrellen, zijn er een goed voorbeeld van.
Derieuw: ‘Ik snap de vraag om ermee te stoppen, maar ik betwijfel of je met een verbod problemen tegenhoudt. Mensen aarzelen nu al niet om zwaarder materiaal in een buurland te kopen. Eigenlijk is dit iets dat Europees aangepakt moet worden. En dan nog: iets dat niet mag, trekt soms nog meer aan.’
De essentie
Vuurwerk met oudejaar is een traditie, de discussie over de veiligheid ervan ook.
Dat we, ondanks incidenten, verknocht blijven aan de pijlen, heeft volgens experts te maken met de dopaminekick die velen eruit halen.
Of een verbod problemen voorkomt, wordt betwijfeld.
Femke Van Garderen